Waar zit het verschil?
Bij een buitenafdichting breng je de waterkerende laag aan de grondzijde van de kelderwand aan. Het water bereikt de constructie dan niet: je houdt de wand zelf droog. Dit heet een afdichting aan de positieve zijde. Bij een binnenafdichting zit de waterdichte laag aan de binnenkant en houd je het water tegen nadat het de wand heeft bereikt: de negatieve zijde. Het water drukt daar tegen de achterkant van de afdichting aan, en dat stelt hogere eisen aan het materiaal. Beide routes zijn beproefd. Welke past, bepaal je aan de hand van vier vragen.
Vier vragen die de keuze bepalen
1. Is de kelderwand van buitenaf bereikbaar?
Kun je zonder onevenredige kosten of risico ontgraven, dan heeft buitenafdichting technisch de voorkeur: je beschermt de constructie zelf. Bij nieuwbouw en vrijstaande renovaties kan dat meestal. Zit er een aanbouw, terras of tuin overheen, staat het pand in een binnenstad of deel je een bouwmuur met de buren, dan valt ontgraven af en kom je uit bij binnenafdichting of injectie.
2. Hoe hoog is de waterbelasting?
Maak onderscheid tussen niet-drukkend water (zak- en lekwater dat wegzakt) en drukkend water (grondwater dat onder druk tegen de wand staat). Niet-drukkend water is met een binnen- of buitensysteem goed te keren. Bij drukkend water tegen een onbereikbare buitenzijde is scherminjectie meestal de aangewezen oplossing. Loopt er water door de wand terwijl je werkt, dan stop je dat eerst voordat je een vlakke afdichting opbouwt.
3. Nieuwbouw of renovatie?
Bij nieuwbouw neem je de buitenafdichting mee in het ontwerp, inclusief kimband, doorvoeren en aansluitingen. Bij een bestaande kelder met vochtproblemen is de buitenzijde vaak niet meer vrij te leggen en kom je uit bij een binnenoplossing of injectie.
4. Wat is de staat van de constructie?
Scheuren, grindnesten en lekke doorvoeren dicht je eerst af voordat je afdicht. Een afdichtingslaag overbrugt geen bewegende of lekkende constructie. Ontbreekt er ook een werkende horizontale waterkering, dan hoort die bij de aanpak: anders blijft vocht vanuit de fundering in het metselwerk opstijgen.
Welk Köster-systeem hoort erbij?
Buitenzijde: bitumen dikke coating of hybride afdichting
Aan de grondzijde werk je met een Köster Deuxan 2K-Spachteldicht, een vezelversterkte tweecomponenten bitumencoating (PMBC) die voldoet aan DIN 18533. Je brengt die in twee lagen op een grondering aan, met het Köster wapeningsnet in de eerste laag op plekken waar scheurvorming kan optreden. Verbruik is 4 tot 6 kg per m², verwerkingstemperatuur +5 tot +35 °C, en je kunt hem met de kamspaan aanbrengen of machinaal verspuiten. Wil je bitumenvrij werken, laat in het seizoen doorwerken of de laag later overstucen, dan is Köster NB 4000 het alternatief: een hybride dikafdichting die vanaf +2 °C verwerkbaar is.
Bekijk kelderafdichting buitenzijde
Binnenzijde: een kristalliserende minerale kuip
Aan de negatieve zijde bouwen water en zoutkristallen druk op achter een laag die niet in de ondergrond dringt. Daarom werk je hier met minerale systemen met kristalliserende componenten, die onderdeel van de wand worden. Een elastische coating kan in bijzondere situaties wel worden ingebouwd; leg zo een situatie voor aan een technisch adviseur.
Loopt er stromend water door de wand, dan zet je het Köster Kelderdicht-systeem in (KD 1 pasta, KD 2 blitzpoeder en KD 3 hardingsvloeistof), een mineraal afdichtingssysteem met kristalliserende componenten dat een lekkage in seconden dichtzet en als vlakke afdichting waterdicht is tot 7 bar. Bij niet-drukkend water, of bij lekkages tijdens de uitvoering, gebruik je het Köster NB 1 systeem, een minerale cementgebonden slurry die in drie lagen wordt aangebracht.
Köster NB Pasta dringt diep in de ondergrond, sluit de poriën met kristalliserende componenten en wordt onderdeel van de wand in plaats van een laagje erop. Het materiaal is getest tot 13 bar vanaf de negatieve zijde (130 m waterkolom), blijft dampdoorlatend en is goedgekeurd voor drinkwateromgevingen.
Bekijk kelderafdichting binnenzijde
Onbereikbare buitenzijde met drukkend water: scherminjectie
Kun je niet ontgraven en staat er druk op de wand, dan maak je de positieve zijde alsnog waterdicht met Köster Injectiegel G4. Je injecteert van binnenuit door de wand heen; het acrylaatgel verdeelt zich in de grond achter de constructie en reageert daar tot een elastisch scherm. De aanvangsviscositeit is met 4 mPa·s bijna die van water, waardoor het gel diep in fijne structuren doordringt. Het product is getest bij een waterdruk van meer dan 7 bar en gecertificeerd voor drinkwater- en grondwateromgevingen.
Bekijk betoninjectie en scherminjectie
Twijfel je over de route?
Leg je situatie voor aan onze technisch adviseurs. Foto’s van de schade, een plattegrond en de bouwperiode helpen ons om mee te kijken naar de waterbelasting en de bereikbaarheid, zodat je niet het verkeerde systeem kiest.
Kan ik binnen- en buitenafdichting combineren?
Ja. Bij een zware waterbelasting of een gefaseerde renovatie combineer je ze, waarbij injectie de delen afdicht die je niet kunt bereiken.
Werkt een binnenafdichting bij drukkend water?
Ja, mits het systeem daarop is gebouwd. Een kristalliserende minerale slurry als Köster NB 1 grijs is getest tot 13 bar waterdruk (130 m waterkolom) vanaf de negatieve zijde. Een elastische coating kan in speciale situaties ingebouwd worden, vraag ons om advies.
Wat als ik de oorzaak niet zeker weet?
Begin met een vochtdiagnose. Zonder de oorzaak te kennen kies je al snel het verkeerde systeem.



